Caféproat: Poep & Bos

Jan van As

Waarschuwing: het lezen van dit stukske kan tot lichte onpasselijkheid leiden.

Vorig jaar liep ik op het Slingerpad en zag zomaar ineens twee backpakkers staan. Ik hoop dat ik de juiste naam gebruik voor zo’n ijzeren rek waar een rugzak op gemonteerd is.
Die backpakkers van meer dan een meter hoog, stonden dus ‘zomaar ineens’ in alle eenzaamheid op het Slingerpad in de buurt van Uden. Ik keek om me heen en zag helemaal niemand.

De avond daarvoor had ik een aflevering van de Britse Detectiveserie ‘Blue Murder’ gezien en daarbij stootte een nietsvermoedende wandelaar op een rugzak langs een rivierpad. Verderop bleek toen het levenloze lichaam van een mooie jonge vrouw te liggen.
Op dat moment vond ik het vervelend dat ik geen telefoon bij me had, want als ik zo meteen dat lijk zou vinden, kon ik geen hulpdiensten bellen. Ik loop al bijna veertig jaar in de bossen, maar lijken vinden homaar. Hooguit af en toe een kadaver van een konijn met myxomatose of een hoopje veren als rest van een roofvogeldiner.
Het zou toch wat zijn, ik hou wel van een beetje sensatie.

Maar onze Zappatoo maakte een einde aan mijn spannende gedachten door te blaffen naar twee zich oprichtende figuren in het bos, waarvan er een heel duidelijk bezig was om z’n billen af te vegen, en de andere geschrokken onze richting uit kwam. Toen ik meende dat ik ze róók, heb ik haastig geroepen dat het okay was, heb gezwaaid en ben doorgelopen. Stel dat je een hand zou krijgen van een van de poepers en/of plassers.

Na mijn rondje richting Nistelrode zag ik de backpakkers op een bankje bij Naat Piek aan een boterham (!) zitten. Het bleken twee dames van middelbare leeftijd te zijn en een van hen leek veel op Gerdie Verbeek van de Tweede Kamer. Ze was het niet hoor, maar dan heb je een beeld.

Later vertelde ik dat verhaal tegen zo’n man in zo’n groene auto van het Bosbeheer, en die man legde toen uit dat het gevaarlijk voor de dieren is als mensen in het bos poepen. Niet alleen voor de bosbewoners, maar óók voor mijn hondjes. De poep van mensen is van hoge kwaliteit en dieren zijn er dol op. Ze worden er echter vaak meteen misselijk van en braken dan, en het probleem is opgelost.
Maar als ze ook het papier opeten, en dat doen ze, dan kunnen ze zowel bij eventueel braken, of later als ze zelf moeten poepen, daar heel veel moeite mee krijgen, want het papier verteren ze niet en dat komt er dus in de volle lengte uit!
Tot zover het verhaal over de backpakkers.

De reden dat ik aan dit verhaal moest denken is, dat we in de Zeelandse bossen de laatste tijd steeds vaker geconfronteerd worden met poep van mensen, zowel op de plaatsen waar de auto’s staan, als langs de paden die daar in de buurt zijn, zie je zomaar een hoop poep met daarop een stapel volgeveegd papier.

Ik heb al hopen gezien met tissues, maar ook bergen met poetspapier erop, en dat duidt wellicht op automobilisten die snel even van de weg afkomen en de druk kwijt moeten. Maar er liggen ook kaksels met daarop doodgewoon toiletpapier, en dat zijn dus mensen die met een rol Page of Edet het bos inwandelen en daar even een bruine trui gaan zitten breien.
De smeerlappen!

En al die poeptorens hebben één ding gemeen: álle honden vliegen erop af ‘als vliegen op een hoop stront’. En ik moet verrekennus hard roepen om ze daar vanaf te houden.
Vorige week vertelde ik dat tegen een mevrouw en waarschuwde haar om haar hondje in de gaten te houden. Ze geloofde mij niet en ik nodigde haar uit om dan maar ’s even mee te lopen. Vlak om de hoek lag een bruine fooi en toen zij dat zag moest ze spontaan braken (ja, het is een lekker stukske deze week!). Ze liep toen naar de auto en ik kon mijn ogen niet geloven. Ze haalde een rol wc-papier om daarmee haar mondje en jas af te poetsen. Ik vroeg me af wie er nou een rol wc-papier in z’n auto had liggen. Dat hadden wij vroeger thuis wel, en daar breide je moeder (echt breien met wol) dan een popje om heen. Of het werd een hondje met schuddend kopje waar de rol in zijn buik verstopt zat en die zat dan op de hoedenplank.

Maar deze dame had een rol poeppapier in haar dashboardkastje liggen, ik vond dat verdacht en moest even denken dat zij misschien wel zelf..

Ondertussen zijn al diverse hondenliefhebbers op jacht naar de poepers bij de autoplaats van het Zeelandse bos, ik hoop echt dat ze iemand kunnen betrappen, want gadverdamme wat is dat smerig.

Blijven lachen, en die zon komt nog wel!

Jan van As

Laat een reactie achter